Nederlands–Afrikaans woordenboek

Afrikaanse vertaling van het Nederlandse woord trekken

Nederlands → Afrikaans
  
NederlandsAfrikaans (indirect vertaald)Esperanto
(aanlokken; aantrekken);
(aanhalen; aantrekken);
🔗 Maar het was het etiket dat Poirots aandacht trok.
(tekenen; aftekenen; uittekenen)
(bewegen; zich bewegen; zich verroeren; zich voortbewegen)
(aanlokken; bekoren; trekken);
🔗 Volgens Thompson trekt ICE ook de verkeerde mensen aan.
(aanhalen; trekken);
(aannemen; aanwerven; huren; in dienst nemen; tewerkstellen)
🔗 Hij maakte deel uit van een groepje van drie man, die beweerden dat ze door de koning van Balhib waren aangetrokken om het koninkrijk in kaart te brengen.
🔗 Arie trok de riem van zijn regenjas wat aan.
(aandoen; opzetten)
🔗 Toen trok hij schone kleren aan.
(insluiten; omvatten)
(halen)
(afnemen; aanschaffen; overnemen; zich aanschaffen);
🔗 En ook zij hebben hun biljetten via u betrokken?
🔗 Het besturen van de provincies was dikwijls onmogelijk zonder deze mensen erbij te betrekken.
🔗 In de nacht van vrijdag op zaterdag heeft een groot deel van de separatisten de stad verlaten, nadat het Oekraïense leger de stad was binnengetrokken.
🔗 Maar de schildknaap had de tentopening dichtgetrokken.
🔗 Iedereen wil wel een herinnering hebben aan een gevaarlijk gebied dat hij doorgetrokken is.
🔗 Pakistan heeft als tegenmaatregel alle visa voor Indiase staatsburgers ingetrokken.
(gelaatstrek)
🔗 Ik lette meer op de trekken van de derde persoon, degene die Random nooit eerder had gezien, zoals hij had gezegd.
(nagaan; onderzoeken)
🔗 Trek die Johnny van der Kamp eens na.
(bouwen);
🔗 Het hout, waarvan dit gebouw was opgetrokken, was nieuw.
(overgaan)
🔗 We trekken dus de Mare Erythraeum over, krijgen dan het woestijngebied van Pyrrha en komen in de buurt van de stad.
🔗 In de middag gunde hij de trekdieren een tijdlang rust.
(tractor)
🔗 Het vervoer vindt plaats met een krachtige trekker.
trekpot
(theepot)
(uitwijken)
(afdoen; afleggen; afzetten; uitdoen; uitkrijgen);
🔗 Hij trok zijn jas uit en legde die over een stoel.
(bestemmen)
🔗 Als beginner moet u ongeveer een half uur tot één uur voor iedere training uittrekken.
(afgaan; weggaan; zich verwijderen; heengaan; opstappen; ervandoor gaan)
🔗 De volgende morgen vertrok Robert.
(slepen)