Nederlands–Afrikaans woordenboek

Afrikaanse vertaling van het Nederlandse woord nemen

Nederlands → Afrikaans
  
NederlandsAfrikaans (indirect vertaald)Esperanto
(pakken; vatten)
🔗 Wild nam hij haar.
(aannemen; ontvangen; aanvaarden); ;
🔗 Maar Caroline Crale nam dat zomaar niet.
🔗 Vakar nam een flinke teug en keek opnieuw.
🔗 Hij dreigde ons met zijn revolver en nam de koffer.
(houden)
🔗 Wie zou hem niet voor het stomste redeloos dier genomen hebben dat God ooit geschapen heeft?
(maken; uitvoeren; vervaardigen);
🔗 De foto is genomen door mijn mijn vriendin, die mij heeft overgehaald.
🔗 In Birma hadden Japanse troepen Rangoon genomen en rukten naar het noorden op.
(huren; in dienst nemen; tewerkstellen; aantrekken)
🔗 Ik neem je weer aan!
(bevestigen)
;
🔗 Voormalig president Barack Obama waarschuwde Donald Trump tegen het aannemen van Michael Flynn als veiligheidsadviseur.
;
🔗 Trump besloot om Flynn aan te nemen als zijn veiligheidsadviseur, maar Flynn moest in februari, na 24 dagen in dienst te zijn geweest, ontslag nemen toen bleek dat hij vice‐president Pence onjuist had geïnformeerd over zijn eerdere contacten met Russische functionarissen na de presidentsverkiezingen.
🔗 Het Israëlische parlement nam maandagavond een wet aan die de VN‐organisatie UNRWA verbiedt om nog langer te werken in het land.
(menen; stellen; vermoeden; veronderstellen; onderstellen)
🔗 Mag ik aannemen dat dit je meisje is?
(accepteren; ontvangen; aanvaarden; in ontvangst nemen; ingaan op; nemen); ;
🔗 Jullie weten toch dat ik die rommel niet aanneem?
(adopteren)
(accepteren; aanvaarden);
🔗 Neem mijn aanbod dan aan.
;
🔗 Al bewegend nam het de gedaante aan van een grote, weerzinwekkende rat.
(goedkeuren)
(weghalen; wegnemen; benemen)
🔗 Alleen zijn zwaard was hem afgenomen.
(dalen; verminderen)
(slinken; tanen; verflauwen; verminderen)
🔗 Haiyan is inmiddels in kracht afgenomen, maar zal naar verwachting in Viëtnam nog wel tot zware regenval leiden.
(verminderen)
plimalgrandiĝi
🔗 Na verloop van tijd nam het aantal Spanjaarden dat op Curaçao woonde, af.
(kopen; aankopen; inkopen; aanschaffen; overnemen; betrekken; zich aanschaffen);
(verminderen);
(bezetten);
🔗 Zou ik dan niet zijn plaats in de stam mogen innemen?
(bekleden; beslaan; bezetten; in beslag nemen);
🔗 Professor Kosmin neemt een soortgelijk standpunt in.
(bijeenbrengen; meebrengen; meenemen; medebrengen; meedragen)
🔗 In het jaar 1936 kwam schrijver dezes voorbij een uitdrager die hem vroeg een stapel boeken te willen medenemen voor de somma van ƒ  25,—.
(afstand; aftreden)
(filmen);
(meten; afmeten; opmeten; uitmeten)
(beuren; heffen; ophalen; tillen; opheffen; optillen; oplichten; lichten; omhoogheffen);
🔗 Hij ging zitten en nam zijn boek weer op.
(aantekenen; boeken; registreren; vastleggen; inschrijven);
🔗 De kelner nam de bestelling op en verdween.
🔗 En hij nam haar over, onder daverend gejuich.
(afnemen; kopen; aankopen; inkopen; aanschaffen; betrekken; zich aanschaffen);
🔗 We moeten zijn grond nog van hem overnemen.
(gaan zitten; zich zetten)
🔗 Ze neemt plaats in de trein.
(herroepen);
(groeien; aangroeien; stijgen)
🔗 Dat vond hij vreemd en zijn nieuwsgierigheid nam toe.
(aanwakkeren)
🔗 De druk nam toe.
(aanwassen; groeien; wassen)
🔗 De bevolking van Amsterdam nam in die periode snel toe.
(groeien)
(horen)
(vervangen; invallen)
🔗 Turčynov neemt de functie van president waar.
(gadeslaan; observeren; in acht nemen; houden)
🔗 Het had twee vijandelijke schepen die naar het zuiden stoomden waargenomen.
🔗 De buren wisten niet beter dan dat die lange vent de zaak waarnam zolang de eigenaar in de bak zat.
(afnemen; weghalen; benemen)
🔗 Bestond er voor u geen twijfel wie het vergif weggenomen had?