Niederländisch–Deutsches Wörterbuch

Deutsche Übersetzung des niederländischen Wortes vinden

Niederländisch → Deutsch
  
NiederländischDeutsch (indirekt übersetzt)Esperanto
(achten; geloven; van mening zijn; menen)
bedünken
;
befinden
;
dafür halten
;
erachten
;
meinen
🔗 Hij vindt zichzelf de beste jager van de stam.
(vondst)
🔗 Het vinden van de juiste hypotheek is niet eenvoudig.
(aantreffen);
befinden
;
ermitteln
🔗 Ik kon de foto niet vinden.
(aantreffen; treffen)
🔗 Ze vonden haar niet.
(omkomen; óndergaan; vergaan; verongelukken; te gronde gaan; eraan gaan; sneven; het leven laten; het leven verliezen; ten onder gaan)
umkommen
;
untergehen
;
zu Grunde gehen
;
🔗 Bij eerdere overstromingen in Ligurië en Toscane vonden negen mensen de dood.
als Tatsache feststellen
;
konstatieren
; ;
bestätigen
🔗 Afgelopen juni werd Trump door een jury schuldig bevonden.
(goeddunken)
Gutdünken
(beleven; doormaken; ervaren; meemaken)
🔗 U zult dit alles ondervinden, maar er mag niet naar worden gezocht.
(gebeuren; geschieden; plaatsgrijpen; omgaan; zich afspelen; plaatshebben; zich voltrekken); ; ; ; ; ; ; ;
🔗 Wanneer en waar heeft dit plaatsgevonden?
erfinden
;
ersinnen
;
erdichten
;
aushecken
;
erfinden
🔗 Zoals wij na de oorlog uitvonden, had de vijand lang onze nadering verwacht.