Dizionario olandese–italiano

Traduzione italiana della parola olandese hebben

olandese → italiano
  
olandeseitaliano (tradotto indirettamente)esperanto
🔗 Braz hebbe zijn ziel!
🔗 Ze had een ring aan haar middelvinger, met een diep ingegrifte edelsteen.
(dragen; ophebben)
portare
🔗 Hij had schoenen aan, en dat nog wel op vrijdag!
(hebzuchtig; inhalig; schraperig)
avaro
🔗 Als je je hebberige handen thuishoudt, zal ik jullie bedienen.
(beminnen; houden van; lieven)
amare
;
volere bene
🔗 Ik ken haar heel goed, en ik heb haar lief als was ze mijn eigen dochter.
(aanhebben)
portare
🔗 Wat een vieze pet heb jij op!
(gebeuren; geschieden; plaatsgrijpen; plaatsvinden; zich afspelen; zich voltrekken)
accadere
;
arrivare
;
succedere
🔗 Op dat ogenblik had er een grote opschudding plaats.
(van plan zijn; voornemens zijn; zich voorstellen; beogen; in de zin hebben)
intendere
🔗 Zegt u maar wat voorhebt.
(dragen)
portare