Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa spreken

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
(praten)
🔗 Maar ik kon niet spreken.
(praten)
🔗 Op een winterse dag met Regin over zijn toekomst sprekend, vroeg Sigurd: „Welke daden worden van mij verwacht?”
(zeggen)
🔗 „Ge gaat te ver”, sprak de markies.
(om zo te zeggen)
por decirlo así
🔗 We hadden bij wijze van spreken een mier kunnen horen lopen.
(aanklampen; toespreken)
dirigir la palabra a
;
dirigirse a
🔗 Als ik die vrouw daar aanspreek, vindt ze mij een vieze ouwe man.
poner pleito a
procesi kontraŭ
quedar
(overeenkomen)
convenir
🔗 Vóór we weggaan, moeten we nog enkele zaken goed afspreken.
(behandelen; bepraten; discussiëren)
discutir
;
hablar de
;
tratar de
🔗 Dit is niet besproken geworden.
(recenseren)
reseñar
recenzi
(discuteren; discussiëren; bediscussiëren)
discutir
;
hablar de
(bluffen; opscheppen; pochen; snoeven; snorken; stoffen; ophakken; opsnijden)
fanfarronear
;
jactarse
(belasteren)
calumniar
;
infamar
(lezing; voordracht)
conferencia pública
🔗 Weet jij al waar je je spreekbeurt in de klas over houdt?
(katheder)
cátedra
🔗 Hij sprak voor de microfoon op het spreekgestoelte van de grote zaal.
spreekuur
hora de consulta
spreekwijze
(gezegde; zegswijze)
término
adagio
;
proverbio
🔗 Er bestond een oud spreekwoord dat zei dat het voor een man net zo fijn was een schip als een vrouw onder zich te voelen en Arflane kwam erachter dat hij het daarmee eens was.
(ontkennen)
desmentir
contradecir
;
discutir
;
objetar
🔗 De Tanzaniaanse regering spreekt de beschuldigingen tegen.
desmentir
🔗 Ook Amerikaanse en Israëlische functionarissen spraken de opmerkingen van Trump tegen in de media.
contradecir
🔗 Het is niet aan mij de computer tegen te spreken.
(aanspreken)
dirigir la palabra a
;
dirigirse a
🔗 De omroeper begon de menigte toe te spreken.
pronunciar
(betuigen; uitdrukken; uiten)
enunciar
;
expresar
🔗 Het Kremlin heeft zijn steun uitgesproken voor de benoeming van Mojtabā Xāmene’i als nieuwe opperste leider van Iran.
(aangeven; verklaren)
declarar
🔗 Een meerderheid in de Tweede Kamer heeft uitgesproken dat de leus „From the river to the sea, Palestine will be free” een oproep tot geweld is.
(in tegenspraak zijn met; tegenspreken; tegenwerpen)
contradecir
🔗 „Daarvoor is geen gevaar,” wedersprak de foerier lachend.