| nederlanda | esperanto |
|---|
trefwoord | |
| (ontmoeten) | |
| (halen; raken) | |
🔗 De man met het zwaard wachtte op een kans om toe te slaan zonder het risico te lopen dat hij de soldaten trof.
|
| (gevecht; kamp; slag) | |
🔗 In het verleden heeft dit treffen al eenenveertig maal plaatsgehad.
|
| (ontmoeting) | |
🔗 Maar dat is een informeel treffen.
|
| (slaan) | |
🔗 Een boom is hoog en hoge objecten worden eerder door bliksem getroffen.
|
| (aantreffen; vinden) | |
🔗 Daar zul je een man treffen die je een bundel goud en een paard zal geven.
|
| |
🔗 Ach, welke ramp zal ons nu treffen?
|
| (aanwenden; toepassen) | |
| (raken) | |
🔗 Bijna drie jaar geleden werd Birma getroffen door de orkaan Nargis.
|
| |
🔗 Je hebt het woord „moordenaar” gebruikt.
|
| |
🔗 Het woord is aan de markies de Cantecler.
|
| |
🔗 En u moet nu maar erg op uw woorden passen!
|
| |
🔗 Elk woord is hier te veel.
|
| |
| |
🔗 De drager van deze ring moet zich altijd aan zijn woord houden, zie je?
|
| |