Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa trefzeker

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
(ontmoeten)
chocar contra
;
dar con
;
encontrar
;
encontrarse con
;
topar
(halen; raken)
acertar
;
dar con
;
dar en
🔗 De man met het zwaard wachtte op een kans om toe te slaan zonder het risico te lopen dat hij de soldaten trof.
(gevecht; kamp; slag)
acción
;
batalla
🔗 In het verleden heeft dit treffen al eenenveertig maal plaatsgehad.
(ontmoeting)
encuentro
🔗 Maar dat is een informeel treffen.
(aanwenden; toepassen)
aplicar
;
emplear
(toch)
ciertamente
;
en verdad
(bepaald)
sin duda
(allicht; vast; zeker wel)
🔗 Je bent zeker een journalist, hè?
cierto
(bepaald; vast; zekerlijk; stellig; jawel; geheid; met zekerheid)
ciertamente
;
por cierto
🔗 Hoe weet je dat zo zeker?
a lo menos
🔗 Bij twee bomaanslagen in de Nigeriaanse stad Maiduguri zijn zaterdag zeker 51 mensen omgekomen.

neerlandésespañolinglés
trefzekeracertadowell‐aimed
trefzekeracertadosure