Nederlands–Spaans woordenboek

Spaanse vertaling van het Nederlandse woord eruit

Nederlands → Spaans
  
NederlandsSpaans (indirect vertaald)Esperanto
(naar buiten)
afuera
(aldaar; daar)
ahí
;
allí
🔗 Zijn er meisjes?
(van; op; vanuit)
de
;
de entre
;
desde
🔗 Hij liep snel het hotel uit.
(door; vanwege; voor; wegens; met; om; van; aan; naar aanleiding van)
a causa de
;
con motivo de
;
debido a
;
por
🔗 Dat deed hij uit berekening.
(over; voort; weg; verwijderd)
fuera
;
lejos
🔗 Zij zijn het grootste gedeelte van de dag uit.