Nederlands–Duits woordenboek

Duitse vertaling van het Nederlandse woord kopen

Nederlands → Duits
  
NederlandsDuits (indirect vertaald)Esperanto
(afnemen; aankopen; inkopen; aanschaffen; overnemen; zich aanschaffen);
sich kaufen
; ; ;
🔗 Ik wil hier een huis kopen.
(afnemen; kopen; aankopen; inkopen; aanschaffen; overnemen; betrekken; zich aanschaffen);
sich kaufen
; ; ;
🔗 Hij stapte een pijpenwinkel binnen en kocht zich een rechte pijp met een zak tabak.
(afnemen; kopen; inkopen; aanschaffen; overnemen; zich aanschaffen);
sich kaufen
; ; ;
(loskopen; vrijkopen)
loskaufen
;
freikaufen
;
erlösen
(betalen; uitbetalen); ;
🔗 Woudiver had zijn streek met zijn leven bekocht.
(afnemen; kopen; aankopen; aanschaffen; overnemen; zich aanschaffen);
sich kaufen
; ; ;
🔗 Door sneller over te gaan op duurzame energie van eigen bodem hoeft het blok minder olie en gas in te kopen uit onvoorspelbare landen zoals de VS en Rusland, zeggen beide experts.
(aankoop; inkoop)
Kaufen
;
Einkaufen
;
Ankaufen
(aanschaf; inkoop; overname; aanschaffing)
Kauf
;
(willigheid)
Kauflust
(handelaar); ;
🔗 Puc bracht de tijd na het eten door met het praten met de zoon van een koopman.
(kooplustig)
kauflustig
(afkopen; vrijkopen)
loskaufen
;
freikaufen
;
erlösen
bestechen
🔗 Heb je de spelers omgekocht, Supie?
(accapareren; beslag leggen op; zich meester maken van; zich toeëigenen)
aufkaufen und horten
;
hamstern
(inlossen)
zurückkaufen
🔗 Met dat geld heb ik trouwens op de veiling mijn eigen vis teruggekocht.
(ómzetten);
umsetzen
(ómzetten)
einen Umsatz erzielen
;
umsetzen
spezi
(overdoen)
🔗 Hij heeft nog nooit één schilderij verkocht!
🔗 Verkoopt u ook ijs?
(afkopen; loskopen)
loskaufen
;
freikaufen
;
erlösen
🔗 Hij zou zijn geld moeten besteden aan het vrijkopen van krijgsgevangen in plaats van aan hoeren en snoeren!