| Nederlands | Afrikaans (indirect vertaald) | Esperanto |
|---|
| (heen; voort; verwijderd; henen; uit) | | |
| ; | |
🔗 President Trump baande zich een weg naar de kerk.
|
| (baan) | | |
🔗 Je kan hem overal verloren hebben op de weg.
|
| (verdwalen; verdolen) | | |
🔗 De sneeuw begon te vallen, de nacht omsloot hen en de krijgers raakten de weg kwijt.
|
| (hinderen) | ; | |
🔗 Maar praktische bezwaren staan ons in de weg.
|
| (onderweg) | | |
|
| | |
🔗 Een paar uur later was ik weer op weg naar Parijs.
|
| (mijden; ontwijken) | vermy | |
🔗 Ṿerscheidene dagen gingen vader en zoon elkaar uit de weg.
|
| (daarom; uit dien hoofde) | | |
| (heerbaan) | | |
🔗 Een van de wegen waar het verkeer vastliep, was de hoofdweg tussen Johannesburg en Durban.
|
| | |
| (spoor; spoorbaan) | ; | |
🔗 Ik ging daarom naar de oever van de Elbe, daar waar de stoomboot ligt die de stad verbindt met de spoorweg.
|
sta‐in‐de‐weg (beletsel; hindernis; hinderpaal; obstakel) | | |
| (ontkomen) | | |
🔗 Er is een andere manier om hier weg te komen, ook al zal die je waarschijnlijk niet aanstaan.
|
| (kruispunt; viersprong; kruising) | | |
🔗 Het zal niet lang duren voor wij de wegkruising naderen en bij de Dieptekom komen waar de slag twee nachten geleden werd geleverd.
|
| (opruimen) | | |
🔗 Majoor Metcalf was Giles aan het helpen om de sneeuw van de achterdeur weg te ruimen.
|
| (zinken; inzinken; neerzijgen) | | |
🔗 De zon was achter de bergen weggezakt.
|
| (spoorwegovergang) | | |
🔗 Nadert u een overweg met enkel spoor?
|
| (ronduit) | | |