| Nederlands | Afrikaans (onregstreeks vertaal) | Esperanto |
|---|
| (bemachtigen; aangrijpen; vastgrijpen; te pakken krijgen) | | |
|
| (zich verspreiden; zich verbreiden) | | |
🔗 Het vuur grijpt om zich heen.
|
| (bemachtigen; grijpen; vastgrijpen; te pakken krijgen) | | |
🔗 Hij heeft de kans aangegrepen om deze invloed te bestrijden.
|
| (ontroeren) | | |
🔗 Wat mij vanmorgen gepasseerd is, heeft mij aangegrepen, en geen wonder!
|
| (snappen; vatten; verstaan) | ; | |
🔗 Ik begrijp niet wat u bedoeld.
|
| (verstaan; beseffen; bevatten) | | |
🔗 Ik begrijp de wereld niet meer.
|
| | |
| (tussenbeide komen) | | |
|
| (gebeuren; geschieden; voorvallen; plaatsvinden; omgaan; zich afspelen; passeren; gevallen; plaatshebben; zich voltrekken; zich toedragen; vóórkomen) | ; ; ; ; ; | |
🔗 Zijn scherp verstand herinnerde zich plotseling de vreemde wekker in de garage en de ontploffing die daar had plaatsgegrepen.
|
| (bemachtigen; grijpen; aangrijpen; te pakken krijgen) | | |
🔗 „Wie is daar?” zei de soldaat, terwijl hij zijn speer stevig vastgreep.
|