Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais beginner

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(aanbreken; aanvangen; ingaan; een aanvang nemen; inzetten; intreden; ertoe overgaan; van start gaan)
débuter
🔗 De film begint.
(aanvangen; aanvaarden; beginnen aan; beginnen met; inzetten; starten; een begin maken met; aangaan; aanheffen)
commencer
;
🔗 Vandaag ga ik een heel nieuw leven beginnen.

néerlandaisfrançaisanglais
beginnerdébutant; débutantebeginner