Informatie over het woord sagen (Duits → Esperanto: diri)

Uitspraak/ˈzaːɡən/
Afbrekingsa·gen
Woordsoortwerkwoord

Voorbeelden van gebruik

„Ich weiß es nicht“, sagte er achselzuckend.

Vertalingen

Afrikaans
Catalaansdir
Deenssige
Engelssay
Engels (Oudengels)cweþan; gesecgan
Esperantodiri
Faeröerssiga
Finssanoa
Fransdire
Hongaarsmond; szól
IJslandssegja
Italiaansdire
Jiddischזאָגן
Latijndicere
Maleiskata; berkata; cakap; tutur; ucap
Nederlandsopgeven; zeggen
Noorssi
Papiamentsbisa
Poolspowiedzieć; mówić
Portugeesdizer; proferir
Roemeensspune
Russischговорить; сказать
Saterfriesärwääne; kweede; tälle
Schots-Gaelischabair; can
Spaansdecir
Sranantaki; taygi
Swahili‐sema; ‐ambia
Thaisกล่าว; บอก; ว่า; พูด
Tsjechischpovědět; povídat; říci; říkat
Turksdemek; söylemek
Westerlauwers Friessizze
Zweedssäga