Nederlands–Spaans woordenboek

Spaanse vertaling van het Nederlandse woord schijnen

Nederlands → Spaans
  
NederlandsSpaans (indirect vertaald)Esperanto
(blinken; prijken; stralen)
brillar
;
lucir
🔗 De zon scheen toen hij op weg ging maar het was zo zwart als de nacht in de tunnel.
(lijken)
figurársele
;
parecer
🔗 De westelijke weg schijnt de gemakkelijkste.
(belichten)
alumbrar
🔗 Nog bescheen de zon het panorama.
(belichten; beschijnen)
alumbrar
(toelijken)
figurársele
;
parecer
🔗 Eigenlijk mag ik geen vreemdeling toelaten, maar omdat u mij betrouwbaar toeschijnt, wil ik een uitzondering maken.
(opdagen; te voorschijn komen; uitkomen; voor de dag komen; voor den dag komen)
aparecer
🔗 Nu verschenen er ook anderen.
(kansrijk)
probable
;
verosímil
🔗 Het was niet waarschijnlijk.
(allicht)
🔗 Waarschijnlijk zíjn ze dat ook.