Woordenboek Nederlands–Esperanto

Esperanto‐vertaling van het Nederlandse woord wezenlijk

Nederlands → Esperanto
  
NederlandsEsperanto
(essentieel; in wezen; substantieel; intrinsiek)
(echt; werkelijk; in werkelijkheid; daadwerkelijk)
(essentieel; intrinsiek)
🔗 Het maakte een wezenlijk deel uit van hun religie.
(reëel; werkelijk; daadwerkelijk; echt)
(irreëel) ()
🔗 Het moest onwezenlijk zijn.
malreale
🔗 De verkoopprijs was onwezenlijk laag en hij maakte gewag van oneerlijke praktijken.
(bewerkstelligen; tot stand brengen)
🔗 Uw goede bedoelingen pleiten voor u, dominee, maar hoe wilt u dat verwezenlijken?
(zijn)
(zijn)
(essence; essentie; kern)
()
🔗 Het wezen deed een stap naar voren.
(zijn)
🔗 Hoe oud waart ge toen?
(zijn; zitten)
🔗 Welnu, het zij zo.
(zijn)
🔗 Hoe zou het geweest zijn als ik een dochter had gehad in plaats van een zoon?