Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord spreekwoord

Nederlands → Engels
  
NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
;
🔗 Er bestond een oud spreekwoord dat zei dat het voor een man net zo fijn was een schip als een vrouw onder zich te voelen en Arflane kwam erachter dat hij het daarmee eens was.
(praten)
🔗 Maar ik kon niet spreken.
(praten);
🔗 De burgemeester wil je spreken.
(praten)
🔗 Op een winterse dag met Regin over zijn toekomst sprekend, vroeg Sigurd: „Welke daden worden van mij verwacht?”
(zeggen)
🔗 „Ge gaat te ver”, sprak de markies.
🔗 Je hebt het woord „moordenaar” gebruikt.
🔗 Het woord is aan de markies de Cantecler.
🔗 En u moet nu maar erg op uw woorden passen!
🔗 Elk woord is hier te veel.
🔗 De drager van deze ring moet zich altijd aan zijn woord houden, zie je?

NederlandsEngels
spreekwoord adage; byword; proverb; saying
spreekwoordelijk proverbial; proverbially
spreken converse; discourse; speak; talk; see; say
woord parole; word; vocable