Nederlands–Engels woordenboek

Engelse vertaling van het Nederlandse woord goedvinden

Nederlands → Engels
  
NederlandsEngels (indirect vertaald)Esperanto
(goeddunken);
think fit
bontrovi
(goeddunken)
(instemming); ; ;
assent
;
consent
(instemmen met); ; ;
consent
(landgoed; bezitting);
🔗 „Mag ik vragen”, zeide ik, „of dit goed niet toebehoort aan de heer Blaek van Amsterdam?”
(goede)
(akkoord; in orde; okee)
konsentite
(juist; zuiver);
(bezitting; eigendom)
possession
;
property
🔗 Iedere dag riskeren ze hun leven om het leven en goed van anderen te beschermen.
(kleding; kleren; kledij)
(okee; in orde); ; ;
🔗 Het is een goed boek.
(wel); ;
🔗 Bekijk deze foto’s eens goed.
(juist); ;
🔗 Je hebt dus een goed paard nodig.
🔗 Dan heb ik een beter voorstel.
(recht; juist)
🔗 Ik weet niet zeker of ik aan het goede adres ben.
(stof)
material
🔗 Daar trof ze haar vader, die bij de tafel stond en keurend zijn oog liet gaan over een pas geweven stuk goed.
(achten; geloven; van mening zijn; menen); ;
🔗 Hij vindt zichzelf de beste jager van de stam.
(aantreffen);
🔗 Ik kon de foto niet vinden.
🔗 Hoe vind je mijn taart?
(aantreffen);
🔗 11 andere lichamen werden gevonden in Novorossijsk en Gelendžik.
(aantreffen; bevinden)
🔗 De volgende ochtend kwam de bisschop met zijn priesters bij de kerk, en zij vonden de deur gesloten.

NederlandsEngels
goedvinden⇆ approval; ⇆ approve; ⇆ approve of; ⇆ pleasure; ⇆ think fit
met goedvinden van⇆ with the consent of
naar eigen goedvinden handelen⇆ use one’s own discretion; ⇆ act on one’s own discretion
goed⇆ aright; ⇆ asset; ⇆ blue‐chip; ⇆ chattel; ⇆ commodity; ⇆ correct; ⇆ effects; ⇆ estate; ⇆ fine; ⇆ fitly; ⇆ gear; ⇆ good; ⇆ kind; ⇆ kindly; ⇆ okay; ⇆ proper; ⇆ properly; ⇆ property; ⇆ well; ⇆ right; ⇆ all right; ⇆ rightly; ⇆ sound; ⇆ ware; ⇆ strong; ⇆ stuff; ⇆ things; ⇆ goodly; ⇆ round; ⇆ full; ⇆ clothes; ⇆ luggage; ⇆ wares; ⇆ goods; ⇆ possession; ⇆ material; ⇆ wear
vinden⇆ come across; ⇆ come on; ⇆ contrive; ⇆ encounter; ⇆ feel; ⇆ find; ⇆ hit on; ⇆ hit upon; ⇆ hunt down; ⇆ hunt out; ⇆ hunt up; ⇆ lay hands on; ⇆ meet; ⇆ meet with; ⇆ pick up; ⇆ receive; ⇆ strike; ⇆ think; ⇆ think of; ⇆ like