Nederlands–Duits woordenboek

Duitse vertaling van het Nederlandse woord zijn

Nederlands → Duits
  
NederlandsDuits (indirect vertaald)Esperanto
(wezen)
(wezen)
Existenz
(wezen)
🔗 Wie zijt ge?
🔗 Hoe oud zou zijn spoor zijn?
(wezen; zitten)
🔗 Uw vader was in het leger?
(wezen)
🔗 Ze zijn hem te duur.
zusammensein
;
beieinander sein
🔗 De leiders van de twee partijen waren voor het laatst bijeen.
das heißt
;
das ist
tio estas
🔗 Da’s slim, zeg!
Zusammensein