Niederländisch–Deutsches Wörterbuch

Deutsche Übersetzung des niederländischen Wortes treeplank

Niederländisch → Deutsch
  
NiederländischDeutsch (indirekt übersetzt)Esperanto
(schap)
Bordbrett
; ;
Regalfach
;
🔗 Helemaal beneden nam ik een lantaarn van de plank.
;
🔗 Zonder verder aandringen rende Sabriël de plank over, met Mogget achter zich aan.
(lopen; stappen; benen)
schreiten
;
🔗 Hij trad naar voren en greep het doosje van de tafel af.
(opstapje; trede)
Staffel
;
🔗 De gang eindigde bij de onderste tree van een trap.

NiederländischDeutschEnglisch
treeplankSimssill