Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais verzuren

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(zuur maken)
acidifier
;
aigrir
;
rendre acide
;
faire aigrir
(zuur worden)
s’acidifier
;
s’aigrir
;
devenir acide
🔗 De daken lekken, de stenen vallen uit de muur en de grond is verzuurd.
🔗 Welke zuren kent ge die dan tevens ontstaan?
(nors; stuurs)
maussade
;
grognon
;
rébarbatif
;
bougon
;
quinteux
🔗 Hij werd hoe langer hoe zuurder.
laborieux
;
pénible
piquette
;
vinaigre
(wrang)
aigrement
🔗 „Ik zal mijn best doen”, zei de oudere vrouw zuur.
(wrang)
acide
;
aigre
; ;
aigri
;
revêche
;
hargneux