Dictionnaire néerlandais–français

Traduction française du mot néerlandais rijzen

néerlandais → français
  
néerlandaisfrançais (traduit indirectement)espéranto
(opgaan; opstijgen; omhooggaan)
(zwellen; opzwellen)
gonfler
(opgaan; stijgen; wassen; oprijzen; opstijgen; zich verheffen; de hoogte in gaan)
se soulever
(opgaan; rijzen; stijgen; wassen; oprijzen; opstijgen; zich verheffen; de hoogte in gaan)
se soulever
🔗 Heer Bommel rees verslagen en druipend uit zijn stoel omhoog.
(opgaan; rijzen; stijgen; wassen; opstijgen; zich verheffen; de hoogte in gaan)
se soulever
🔗 Uit welke hel zijt gij opgerezen, gij hond van de nacht?
(lang)
de haute taille
🔗 Isaac beloofde het kreunend en aanvaardde zijn tocht, begeleid door twee rijzige bendeleden, die zowel gids als bewaker waren.