Dutch–English dictionary

English translation of the Dutch word prijszetting

Dutch → English
  
DutchEnglish (translated indirectly)Esperanto
🔗 Welke prijs biedt de koningin?
(premie)
premium
; ;
🔗 Er staat een prijs op mijn hoofd.
🔗 „Want”, zeggen ze, „als we ons nu niet goed voorbereiden dan denken de Russen dat we zwak zijn en betalen we later de prijs.”
;
take shape
(trekken)
🔗 Daarna zette hij thee en braadde een stuk vlees.
compose
;
;
munti
sidigi
typesetting
(steken; plaatsen; stoppen; doen); ;
🔗 Ze naderde met een bord soep, dat ze voorzichtig op zijn knieën zette.
(neerzetten; oprichten; opslaan; stellen); ; ;
set up

DutchEnglish
prijszetting price fixing
prijs award; capture; cost; jackpot; premium; price; prize; rate; value; stakes; price tag
zetten arrange; brew; butt; compose; composition; embed; enchase; fit; intersperse; join; lean; lodge; make; mount; pitch; place; plant; prop; put; put on; reset; set; stand; stick; seat; set up; setting; trim