Diccionario neerlandés–español

Traducción española de la palabra neerlandesa scheidend

neerlandés → español
  
neerlandésespañol (traducido indirectamente)esperanto
(afzonderen; afscheiden; schiften)
apartar
;
dispersar
;
segregar
;
separar
🔗 Het is nauwelijks mogelijk om jou van hem te scheiden, zelfs wanneer hij naar een geheime vergadering wordt geroepen en jij niet.