Informazioni sulla parola registreren (olandese → Esperanto: registri)

Sinonimi: aantekenen, boeken, vastleggen, inschrijven, opnemen

Parte del discorsoverb
Pronuncia/reɣiˈstreːrə(n)/
Sillabazionere·gi·stre·ren

Coniugazione

Modo indicativo
PresentePassato
(ik) registreer(ik) registreerde
(jij) registreert(jij) registreerde
(hij) registreert(hij) registreerde
(wij) registreren(wij) registreerden
(jullie) registreren(jullie) registreerden
(gij) registreert(gij) registreerdet
(zij) registreren(zij) registreerden
Modo congiuntivo
PresentePassato
(dat ik) registrere(dat ik) registreerde
(dat jij) registrere(dat jij) registreerde
(dat hij) registrere(dat hij) registreerde
(dat wij) registreren(dat wij) registreerden
(dat jullie) registreren(dat jullie) registreerden
(dat gij) registreret(dat gij) registreerdet
(dat zij) registreren(dat zij) registreerden
Modo imperativo
Singolare/PluralePlurale
registreerregistreert
Participi
Participio presenteParticipio passato
registrerend, registrerende(hebben) geregistreerd

Esempi di utilizzo

Zijn gesprekken worden niet door de hotelcentrale geregistreerd.
Ook wordt hen aangeraden zich te registreren op de website van de Nederlandse ambassade in Bangladesj.

Traduzioni

afrikaansaanteken; registreer
catalanoanotar; registrar; enregistrar
cecoregistrovat; zapsat; zaregistrovat; zaznamenat; zaznamenávat
daneseoptage; registrere
esperantoregistri
finlandesekirjata
franceseenregistrer
frisone di Saterlandregistrierje
frisone occidentaleregistrearje
ingleserecord; register; enrol
italianoraccomandare
norvegeseinnskrive
papiamentoregistrá
portoghesealistar; inscrever; registar
spagnoloinscribir; registrar
svedeseinregistrera; registrera
tailandeseทะเบียน; บันทึก
tedescoregistrieren