Information du mot Lissabon (néerlandais → espéranto: Lisbono)

Parti du discoursnom propre
Prononciation/ˈlɪsabɔn/
CésureLis·sa·bon
Genreneutre

Exemples d’usage

Ook dorpen ten noorden van de Portugese hoofdstad Lissabon kampten zaterdagavond met wateroverlast als gevolg van de buitensporige regen.
De situatie in Pedrógão Grande, dat zo’n tweehonderd kilometer ten noordoosten van Lissabon ligt, is volgens de autoriteiten zeer zorgwekkend.

Traductions

anglaisLisbon
bas allemandLissabon
catalanLisboa
espagnolLisboa
espérantoLisbono
françaisLisbonne
frison occidentalLissabon
grecΛισαβόνα
italienLisbona
portugaisLisboa
russeЛиссабон