Information über das Wort koffiekan (Niederländisch → Esperanto: kafkruĉo)

Synonym: koffiepot

WortartSubstantiv
Aussprache/ˈkɔfikɑn/
Trennungkof·fie·kan
Geschlechthistorisch weiblich, heutzutage auch männlich
Mehrzahlkoffiekannen

Verkleinerungswort
EinzahlMehrzahl
koffiekannetjekoffiekannetjes

Gebrauchsbeispiele

Elaine Fortescue was het eerst aan de ontbijttafel verschenen, juist toen Crump de koffiekan binnenbracht.
De kapitein bromde iets terug en keek onder het deksel van de koffiekan.
De koffiekan en een kopje stonden nog op tafel.
„Nu, kom ermee voor de dag”, nodigde Algy uit, terwijl hij naar de koffiekan greep.

Übersetzungen

Afrikaanskoffiekan
Dänischkaffekande
DeutschKaffeekanne
Englischcoffee‐pot
Esperantokafkruĉo; kafokruĉo; kafujo
Französischcafetière
Portugiesischcafeteiro
SaterfriesischKoafjekanne
Spanischcafetera