Informatie over het woord sparje (Westerlauwers Fries → Esperanto: savi)

Synoniem: rêde

Afbrekingspar·je
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) sparje(ik) sparre
(do) sparrest(do) sparrest
(hy) sparret(hy) sparre
(wy) sparje(wy) sparren
(jimme) sparje(jimme) sparren
(sy) sparje(sy) sparren
Gebiedende wijs
sparje
Verleden deelwoord
(wêze) sparre
Infinitief II
sparjen

Voorbeelden van gebruik

De diseltanks binne sparre bleaun.

Vertalingen

Afrikaansred
Catalaanssalvar
Deensbeholde; redde
Duitsretten; erlösen; erretten
Engelssave
Engels (Oudengels)ahreddan; sparian
Esperantosavi
Faeröersbjarga
Finspelastaa
Franssauver
Italiaanssalvare
Luxemburgsbiergen
Nederlandsbehouden; redden
Papiamentssalba; skapa
Portugeespoupar; salvar
Saterfriesrädje; lööse
Spaanssalvar
Swahili‐afua
Tsjechischzachraňovat; zachránit; spasit
Zweedsrädda