Informatie over het woord sound (Engels → Esperanto: soni)

Synoniemen: strike, resound

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/saʊ̯nd/
Afbrekingsound
Shaw‐alfabet𐑕𐑬𐑯𐑛
Deseret‐alfabet𐑅𐐵𐑌𐐼

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(it) sounds, soundeth(it) sounded
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(it) sound(it) sounded
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
soundingsounded

Voorbeelden van gebruik

Presently a step sounded behind him.

Vertalingen

Afrikaansklink
Catalaanssonar
Deenslyde
Duitsklingen; läuten; tönen; ertönen
Esperantosoni
Faeröersljóða
Finssoida
Fransrésonner; sonner
Hongaarshangzik
Italiaanssonare
Nederlandsklinken
Papiamentszona
Portugeessoar
Saterfriesgalpje; krietskje; gälje; klinge; läide
Schotssoond
Spaanstocar
Tagalogpatunugín
Westerlauwers Friesgean; klinke
Zweedsljuda; låta; tona