Engels–Nederlands woordenboek

Nederlandse vertaling van het Engelse woord contractor

Engels → Nederlands
Nederlands → Engels

EngelsNederlands (indirect vertaald)Esperanto
info contractor
zelfstandig naamwoord
(
info builder
zelfstandig naamwoord
;
info building contractor
zelfstandig naamwoord
;
info master builder
zelfstandig naamwoord
)
info aannemer
zelfstandig naamwoord
info konstruentreprenisto
zelfstandig naamwoord
info building contractor
zelfstandig naamwoord
(
info builder
zelfstandig naamwoord
;
info contractor
zelfstandig naamwoord
;
info master builder
zelfstandig naamwoord
)
info aannemer
zelfstandig naamwoord
info konstruentreprenisto
zelfstandig naamwoord
info contract
zelfstandig naamwoord
(
info agreement
zelfstandig naamwoord
;
info compact
zelfstandig naamwoord
;
info deal
zelfstandig naamwoord
)
info contract
zelfstandig naamwoord
;
info overeenkomst
zelfstandig naamwoord
;
info verbintenis
zelfstandig naamwoord
info kontrakto
zelfstandig naamwoord
info contract
werkwoord
info wegkrimpen
werkwoord
info malvastiĝi
werkwoord
EngelsNederlands
contractoraannemer; contractant; koppelbaas; leverancier; samentrekker
building contractoraannemer
contractaanbesteding; aangaan; aannemen; contract; contracteren; inkrimpen; oplopen; overeenkomst; samentrekken; sluiten; uitbesteden; verbintenis; verdrag; verloving; zich op de hals halen; zich samentrekken
subcontractoronderaannemer; toeleveringsbedrijf
<< >