Engels–Nederlands woordenboek

Nederlandse vertaling van het Engelse woord absence

Engels → Nederlands

EngelsNederlands (indirect vertaald)Esperanto
info absence
zelfstandig naamwoord
info absentie
zelfstandig naamwoord
;
info afwezigheid
zelfstandig naamwoord
info foresto
onbekende woordsoort
info absence
zelfstandig naamwoord
(defect; deficiency; flaw; gap; lack; shortage; shortcoming; want)
info afwezigheid
zelfstandig naamwoord
;
info gebrek
zelfstandig naamwoord
info manko
onbekende woordsoort
info absence of mind
zelfstandig naamwoord
(absentness; absent‐mindedness)
info verstrooidheid
zelfstandig naamwoord
info distriteco
onbekende woordsoort
info absence of mind
zelfstandig naamwoord
(absentness; absent‐mindedness)
info verstrooidheid
zelfstandig naamwoord
info distriĝemo
onbekende woordsoort
info absence of mind
zelfstandig naamwoord
(distraction; inattention; bemusement)
info verstrooiing
zelfstandig naamwoord
;
info verzet
zelfstandig naamwoord
info distriĝo
onbekende woordsoort
info in one’s absence
bijwoord
info bij verstek
bijwoord
info foreste
onbekende woordsoort
info in one’s absence
bijwoord
(in absentia)
info bij verstek
bijwoord
info kontumace
bijwoord
in the absence of
info bij gebrek aan
voorzetsel
manke de
in the absence ofin afwezigheid vanforeste de
info absent
bijvoeglijk naamwoord
(missing; wanting)
info absent
bijvoeglijk naamwoord
;
info afwezig
bijvoeglijk naamwoord
info mankanta
onbekende woordsoort
info absent
bijvoeglijk naamwoord
info absent
bijvoeglijk naamwoord
;
info afwezig
bijvoeglijk naamwoord
info forestanta
onbekende woordsoort
info absent
bijvoeglijk naamwoord
info afwezig
bijvoeglijk naamwoord
info foresta
onbekende woordsoort
info absent
werkwoord
(be absent; be missing)
info absent zijn
werkwoord
;
info afwezig zijn
werkwoord
;
info ontbreken
werkwoord
;
info verstek laten gaan
werkwoord
info foresti
onbekende woordsoort
EngelsNederlands
absenceabsentie; afwezigheid; gebrek; niet voor handen zijn; ontbreken; verstrooidheid
absence of mindabsentie; afgetrokkenheid; verstrooidheid
be conspicuous by one’s absenceschitteren door afwezigheid
in absence ofbij ontstentenis van
in one’s absencebij verstek
in the absence ofbij afwezigheid van; bij gebrek aan; bij onstentenis van; bij ontstentenis van
in the absence of suchbij gebrek daaraan
leave of absencepermissie; verlof
absentabsent; afwezig
Woordenlijst
<< >