Informatie over het woord kandidaat (Nederlands → Esperanto: kandidato)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/kɑndiˈdat/
Afbrekingkan·di·daat
Geslachtmanlijk
Meervoudkandidaten

Voorbeelden van gebruik

Toen bleek dat hij moeite had om geschikte kandidaten te vinden.
Deze kandidaat werd nu naar voren geleid tussen twee van de mannen met een zwarte kap op het hoofd.

Vertalingen

Afrikaansapplikant; kandidaat
Catalaanscandidat
Deensansøger; kandidat
DuitsBewerber; Kandidat; Anwärter; Amtsanwärter; Titelanwärter; Wahlanwärter
Engelsapplicant; candidate; nominee
Esperantokandidato
Franscandidat
Latijncandidatus
Maleiscalon
Papiamentskandidato
Portugeescandidato
Russischаспирант
SaterfriesKandidoat
Spaanscandidato
Tagalogkandidato
Tsjechischkandidát; uchazeč
Turksaday
Zweedssökande; tjänstsökande