Informo pri la vorto toeschijnen (nederlanda → esperanto: ŝajni)

Prononco/ˈtusxɛɪ̯nə(n)/
Dividotoe·schij·nen
Vortspecoverbo

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) schijn toe(ik) scheen toe
(jij) schijnt toe(jij) scheen toe
(hij) schijnt toe(hij) scheen toe
(wij) schijnen toe(wij) schenen toe
(gij) schijnt toe(gij) scheent toe
(zij) schijnen toe(zij) schenen toe
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) toeschijne(dat ik) toeschene
(dat jij) toeschijne(dat jij) toeschene
(dat hij) toeschijne(dat hij) toeschene
(dat wij) toeschijnen(dat wij) toeschenen
(dat gij) toeschijnet(dat gij) toeschenet
(dat zij) toeschijnen(dat zij) toeschenen
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
toeschijnend, toeschijnende(hebben) toegeschijnen

Uzekzemploj

Eigenlijk mag ik geen vreemdeling toelaten, maar omdat u mij betrouwbaar toeschijnt, wil ik een uitzondering maken.

Tradukoj

afrikansolyk; skyn
albanadukem
anglaseem
ĉeĥazdát se
danaforekomme
esperantoŝajni
feroatykja
finnanäyttää
francaparaître; sembler
germanascheinen
hispanafigurársele; parecer
islandaþykja
italaparere
katalunafigurar; semblar
okcidenta frizonaskine; lykje
papiamentoparce; parse
polazdawać się
portugalaafiguar‐se; mostrar‐se; parecer; ter aparência de
rumanapărea
saterlanda frizonaläite; schiene; skiene
svedasynas; tyckas