Informatie over het woord opletten (Nederlands → Esperanto: atenti)

Uitspraak/ˈɔplɛtə(n)/
Afbrekingop·let·ten
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) let op(ik) lette op
(jij) let op(jij) lette op
(hij) let op(hij) lette op
(wij) letten op(wij) letten op
(gij) let op(gij) lettet op
(zij) letten op(zij) letten op
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) oplette(dat ik) oplette
(dat jij) oplette(dat jij) oplette
(dat hij) oplette(dat hij) oplette
(dat wij) opletten(dat wij) opletten
(dat gij) oplettet(dat gij) oplettet
(dat zij) opletten(dat zij) opletten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
let oplet op
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
oplettend, oplettende(hebben) opgelet

Vertalingen

Afrikaansag slaan op; oppas; oplet
Deensforvente
Duitsachtgeben; aufpassen; aufpassen auf; beachten; beherzigen; Obacht geben; Obacht geben auf; zusehen
Engelspay attention
Esperantoatenti
Faeröersgeva gætur
Franssurveiller
Grieksαναμένω; περιμένω
Italiaansaspettare; attendere
Maleismenanti
Poolsuważać; zwracać uwagę
Portugeesatender; fixar a atenção em; prestar a atenção
Saterfriesappaasje; beoachtje; oachtreeke; toukiekje
Spaansatender; atender a; estar atento; tener cuidado
Srananwakti
Thaisใส่ใจ
Turksaldırmak
Westerlauwers Friesacht jaan
Zweedsbeakta