Informatie over het woord neuken (Nederlands → Esperanto: seksumi)

Uitspraak/ˈnøkə(n)/
Afbrekingneu·ken
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) neuk(ik) neukte
(jij) neukt(jij) neukte
(hij) neukt(hij) neukte
(wij) neuken(wij) neukten
(gij) neukt(gij) neuktet
(zij) neuken(zij) neukten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) neuke(dat ik) neukte
(dat jij) neuke(dat jij) neukte
(dat hij) neuke(dat hij) neukte
(dat wij) neuken(dat wij) neukten
(dat gij) neuket(dat gij) neuktet
(dat zij) neuken(dat zij) neukten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
neukneukt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
neukend, neukende(hebben) geneukt

Vertalingen

Afrikaansneuk
Engelshave sex
Esperantoseksumi
Fransbaiser
Papiamentshunga; kohe; koi; kue; limpia
Portugeescopular; transar
Thaisร่วมประเวณี; ร่วมเพศ; ร่วมรัก