Informatie over het woord Fuß (Duits → Esperanto: futo)

Uitspraak/fuːs/
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefFußFüße
GenitiefFußesFüße
DatiefFuß, FußeFüßen
AccusatiefFußFüße

Vertalingen

Afrikaansvoet
Catalaanspeu
Engelsfoot
Esperantofuto
Faeröersfótur
Nederlandsvoet
Portugeespé; <medida>
SaterfriesFout
Spaanspie
Swahilifuti
Tsjechischchodidlo; noha; podstavec; stopa; úpatí
Welstroedfedd