Informatie over het woord spekken (Nederlands → Esperanto: plenigi)

Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) spek(ik) spekte
(jij) spekt(jij) spekte
(hij) spekt(hij) spekte
(wij) spekken(wij) spekten
(gij) spekt(gij) spektet
(zij) spekken(zij) spekten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) spekke(dat ik) spekte
(dat jij) spekke(dat jij) spekte
(dat hij) spekke(dat hij) spekte
(dat wij) spekken(dat wij) spekten
(dat gij) spekket(dat gij) spektet
(dat zij) spekken(dat zij) spekten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
spekspekt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
spekkend, spekkende(hebben) gespekt

Vertalingen

Afrikaansinvul; vul; vólmaak
Albaneesmbush
Deensfylde
Duitsausfüllen; erfüllen; füllen
Engelsfill; fill in; fill up; imbue; permeate
Esperantoplenigi
Faeröersfylla
Franscompléter; remplir
IJslandsfylla
Latijnopplere
Maleisisi; mengisi
Papiamentsyena
Poolswypełnić
Portugeescompletar; encher
Saterfriesful moakje; uutfälle
Schots-Gaelischlìon
Spaansllenar
Srananfuru
Thaisใส่; ถม
Westerlauwers Friesfolje
Zweedsfylla; ifylla; uppfylla