Informatie over het woord voet (Nederlands → Esperanto: piedo)

Uitspraak/vut/
Afbrekingvoet
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk
Meervoudvoeten

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
voetjevoetjes

Voorbeelden van gebruik

Zij zetten geen voet op het schiereiland.
Hij had de voet van de trap bereikt, en het bleke licht van zijn kaars toonde hem een deur.
En ook de voeten waren menselijk van vorm, ofschoon van monsterlijke afmetingen.
Aan de voet van de heuvel haalde Wessel de knecht van Niklis in.
Ik keek dus naar mijn voeten.
Wij reden om de reusachtige voet van de berg heen.

Vertalingen

Afrikaanspoot; voet
Albaneeskëmbë
Berbersaḍar (ⴰⴹⴰⵔ)
Catalaanspetge; peu; pota
Deensfod; pote
DuitsFuß; Pfote
Engelsfoot
Engels (Oudengels)fot
Esperantopiedo
Faeröersfótur; labbi
Finsjalka
Franspatte; pied
Hawaiaanswāwae
Hongaarsláb
IJslandsfótur
Italiaanspiede
Jiddischפֿוס
Latijnpes
LuxemburgsFouss
Maleiskaki
Noorsfot
Papiamentspia
Poolsstopa
Portugees
Roemeenspicior
Russischнога; стопа
SaterfriesBeen; Fout; Poote
Schots-Gaelischcas
Spaanspata; pie
Srananfutu
Swahilimguu
Thaisเท้า
Tsjechischpacka; pracka; tlapa
Turksayak
Welstroed
Westerlauwers Friesfoet
Zweedsfot; tass