Informatie over het woord dageraad (Nederlands → Esperanto: mateniĝo)

Uitspraak/ˈdaɣərat/
Afbrekingda·ge·raad
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk

Voorbeelden van gebruik

De volgende dag gingen zij voor de dageraad al op weg, hoewel zij slechts kort geslapen hadden.
Toen ontwaakte op een ochtend, nog voor de dageraad, de weduwe Minerva en zij ging naar buiten.
Tegen de dageraad bereikten zij de heide.
We trekken er bij dageraad op uit.
In het oosten week het zwart van de nacht voor het eerste bleke licht van de dageraad.

Vertalingen

Engelsdawn; daybreak
Esperantomateniĝo; ektagiĝo; tagiĝo
Spaansalba; albor; aurora
Thaisรุ่งอรุณ