Informatie over het woord ambassadeur (Nederlands → Esperanto: ambasadoro)

Uitspraak/ɑmbɑsaˈdør/
Afbrekingam·bas·sa·deur
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk
Meervoudambassadeurs

Voorbeelden van gebruik

Ik wil een gesprek met de ambassadeur!
De Nederlandse ambassadeur in Kazachstan, Dirk Jan Kop, sprak tijdens zijn speech van “een historische mijlpaal”.
Maar als je de Franse ambassadeur was dan zou je makkelijk een afspraak kunnen maken.

Vertalingen

Afrikaansambassadeur
Catalaansambaixador
Deensambassadør
DuitsBotschafter
Engelsambassador
Esperantoambasadoro
Fransambassadeur
Grieksπρεσβευτής; πρέσβυς
Hongaarsnagykövet
IJslandssendiherra
Italiaansambasciatore
Noorsambassador
Papiamentsembahadó; embahador
Portugeesembaixador
SaterfriesBosskupper
Spaansembajador
Swahilibalozi
Turksbüyük elçi