Informatie over het woord judge (Engels → Esperanto: taksi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/dʒɐdʒ/
Afbrekingjudge

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) judge(I) judged
(thou) judgest(thou) judgedst
(he) judges, judgeth(he) judged
(we) judge(we) judged
(you) judge(you) judged
(they) judge(they) judged
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) judge (I) judged
(thou) judge(thou) judged
(he) judge(he) judged
(we) judge(we) judged
(you) judge(you) judged
(they) judge(they) judged
Gebiedende wijs
judge
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
judgingjudged

Vertalingen

Afrikaansskat
Catalaansapreciar; avaluar; prear; taxar
Deensbedømme; vurdere
Duitseinschätzen
Esperantotaksi
Faeröersmeta
Finsarvioida
Fransapprécier; estimer; évaluer; taxer
Italiaansapprezzare; stimare; valutare
Latijnaestimare; appretiare; censere; taxare
Maleismenaksir; taksir
Nederlandsschatten
Papiamentsbalorá; balotá; baluá; kalkulá; taksa; takser
Poolsoceniać
Portugeesajuizar
Roemeensaprecia; evalua
Saterfriesbeweertje; ienschätsje; ienskätsje; ouschätsje; ouschätsje; ouskätsje; schätsje; skätsje
Spaansapreciar; estimar; evaluar; tasar
Thaisหมาย; ประมาณ; เดา
Tsjechischcenit; hodnotit; odhadnout; odhadovat; ocenit; oceňovat
Westerlauwers Friesrûze; skatte
Zweedsberäkna; taxera; uppskatta; värdera