Informatie over het woord abuse (Engels → Esperanto: insulti)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/əˈbjuːz/
Afbrekinga·buse
Shaw‐alfabet𐑩𐑚𐑘𐑵𐑟

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) abuse(I) abused
(thou) abusest(thou) abusedst
(he) abuses, abuseth(he) abused
(we) abuse(we) abused
(you) abuse(you) abused
(they) abuse(they) abused
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) abuse (I) abused
(thou) abuse(thou) abused
(he) abuse(he) abused
(we) abuse(we) abused
(you) abuse(you) abused
(they) abuse(they) abused
Gebiedende wijs
abuse
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
abusingabused

Vertalingen

Afrikaansbeledig
Catalaansinsultar
Deensfornærme; skælde
Duitsbeschimpfen
Esperantoinsulti
Fransinsulter
IJslandsskamma
Italiaansinsultare
Luxemburgsbeleedegen; beleidegen
Nederlandsbeledigen; uitschelden
Noorsskjelle ut
Papiamentsinsultá; ofendé; falta
Portugeesinjuriar; insultar
Russischбранить
Saterfriesbescheelde; beskeelde; scheelde; schimpje; skeelde; skimpje
Spaansinsultar
Srananafrontu
Westerlauwers Friesrache
Zweedsskälla ut