Informatie over het woord halten (Duits → Esperanto: observi)

Uitspraak/ˈhaltən/
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) halte(ich) hielt
(du) hältst(du) hieltest, hieltst
(er) hält(er) hielt
(wir) halten(wir) hielten
(ihr) haltet(ihr) hieltet
(sie) halten(sie) hielten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) halte(ich) hielte
(du) haltest(du) hieltest
(er) halte(er) hielte
(wir) halten(wir) hielten
(ihr) haltet(ihr) hieltet
(sie) halten(sie) hielten
Gebiedende wijs
(du) halte
(ihr) haltet
halten Sie
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
haltend(haben) gehalten

Vertalingen

Afrikaanswaarneem
Catalaansobservar; vigilar
Engelskeep
Esperantoobservi
Fransobserver
Italiaansosservare
Nederlandsgadeslaan; in acht nemen; observeren; toekijken; toezien; waarnemen; houden
Papiamentsopservá
Portugeesobservar
Roemeensobserva; urmări
Saterfriesbeapsichtigje; beooboachtje; betrachtje; ferfoulgje; foarhääbe; inspizierje; ju Apsicht hääbe; musterje
Spaanscumplir; observar
Westerlauwers Friesobservearje; hâlde
Zweedsobservera