Informatie over het woord malgranda

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Afbrekingmal·grand·a

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
Nominatiefmalgrandamalgrandaj
Accusatiefmalgrandanmalgrandajn

Voorbeelden van gebruik

Li prenis ĝin kaj, vidinte, ke ĝi estas bela ŝuo, kvankam multe tro malgranda por lia propra piedo, li metis ĝin en sian poŝon.

Vertalingen

Afrikaansklein
Albaneesvogël
Catalaanspetit
Deenslille
Duitsgering; klein; Klein‐
Engelslittle; small; petit; petite; slim
Engels (Oudengels)lytel
Faeröerslítil
Franspetit
Grieksμικρός
Hawaiaansiki; liʻi; liʻiliʻi
Hongaarskis
IJslandslítill; smár
Italiaanspiccolo
Jiddischקלײן
Latijnparvus
Luxemburgskleng
Maleiskecil
Nederlandsklein; luttel; min; gering; pover
Noorsliten
Papiamentschikí; chikito; chikitu
Poolsmały
Portugeespequeno
Roemeensmic; mic
Russischмаленький; малый
Saterfrieskoarich; licht; littik
Schots-Gaelischbeag
Spaanschico; pequeño
Srananpikin
Swahili‐dogo
Tagalogmaliít
Thaisเล็ก; น้อย
Tsjechischmalý
Welsbach
Westerlauwers Frieslyts
Zweedsliten