Informatie over het woord aliĝi

Woordsoortwerkwoord
Afbrekingal·iĝ·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdaliĝas
Verleden tijdaliĝis
Toekomende tijdaliĝos
 
Voorwaardelijke wijs
aliĝus
 
Gebiedende wijs
aliĝu

Actieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdaliĝanta
Verleden tijdaliĝinta
Toekomende tijdaliĝonta

Voorbeelden van gebruik

Jes, oni devas baldaŭ aliĝi.

Vertalingen

Afrikaansaansluit; toetree tot
Catalaansadherir‐se; afegir‐se; afiliar‐se; associar‐se; inscriure’s
Duitshinzukommen; hinzutreten; sich anschließen; sich einreihen
Engelsjoin
Faeröersfara upp í; koma upp í
Finsliittyä
Fransadhérer; adhérer à; se joindre à
Hongaarscsatlakozik
Nederlandslid worden; toetreden; zich aansluiten
Poolsdołączyć się; przyłączyć się
Portugeesaderir; filiar‐se; incorporar‐se
Spaansreunirse