Informatie over het woord konfiski

Woordsoortwerkwoord
Afbrekingkon·fisk·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdkonfiskas
Verleden tijdkonfiskis
Toekomende tijdkonfiskos
 
Voorwaardelijke wijs
konfiskus
 
Gebiedende wijs
konfisku

 Deelwoorden
 Actieve deelwoordenPassieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdkonfiskantakonfiskata
Verleden tijdkonfiskintakonfiskita
Toekomende tijdkonfiskontakonfiskota

Vertalingen

Catalaansconfiscar
Duitskonfiszieren; mit Beschlag belegen; beschlagnahmen; einziehen
Engelsconfiscate
Faeröersleggja hald á
Fransconfisquer; saisir
Nederlandsconfisqueren; in beslag nemen; verbeurd verklaren
Papiamentskonfiská
Portugeesconfiscar
Russischналожить арест на
Saterfrieskonfiskierje; mäd Besleek belääse
Spaansconfiscar
Zweedskonfiskera