Informatie over het woord vorsen (Nederlands → Esperanto: esplori)

Uitspraak/ˈvɔrsə(n)/
Afbrekingvor·sen
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) vors(ik) vorste
(jij) vorst(jij) vorste
(hij) vorst(hij) vorste
(wij) vorsen(wij) vorsten
(gij) vorst(gij) vorstet
(zij) vorsen(zij) vorsten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) vorse(dat ik) vorste
(dat jij) vorse(dat jij) vorste
(dat hij) vorse(dat hij) vorste
(dat wij) vorsen(dat wij) vorsten
(dat gij) vorset(dat gij) vorstet
(dat zij) vorsen(dat zij) vorsten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
vorsvorst
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
vorsend, vorsende(hebben) gevorst

Voorbeelden van gebruik

Regin keek hem vorsend aan.
Laten wij dan Calanctus’ methode vorsen.

Vertalingen

Afrikaansondersoék; verken
Catalaansexaminar; explorar; indagar
Deensundersøge
Duitsausforschen; erforschen; forschen; unterforschen; untersuchen
Engelsexamine; explore; investigate; prospect; research; study; survey; check out
Esperantoesplori
Faeröerskanna; rannsaka
Finstutkia
Fransexaminer; explorer; fouiller; rechercher; reconnaître
Papiamentsaberiguá; investigá
Portugeesbuscar; escavar; explorar; investigar; pesquisar
Roemeenscerceta; explora
Saterfriesfoarskje; unnersäike; uutfoarskje
Spaansexaminar; explorar
Tsjechischprohlížet; prozkoumat; zkoumat
Turksaraştırmak