Informatie over het woord richtig (Duits → Esperanto: ĝusta)

Woordsoortbijvoeglijk naamwoord

Voorbeelden van gebruik

„Liz,“ sagte er, „bist du sicher, daß das der richtige Weg ist?“

Vertalingen

Afrikaansjuis; korrek; reg
Catalaanscorrecte; just
Deensrigtig
Engelscorrect; proper; right
Esperantoĝusta
Finsoikea
Fransexact; juste
Hawaiaanspololei; pono
Jiddischריכטיק
Luxemburgsrichteg
Maleisbetul
Nederlandsgoed; juist; recht
Noorsrett; riktig
Poolswłaściwy
Portugeesafinado; correcto; exacto; preciso
Russischверный; правильный
Saterfriesgjucht; touträffend
Schots-Gaelischceart
Spaanscorrecto; exacto; justo
Srananyoysti
Thaisถูก; ตรง