Informatie over het woord byggnad (Zweeds → Esperanto: konstruo)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtgemeenschappelijk

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
 OnbepaaldBepaaldOnbepaaldBepaald
Nominatiefbyggnadbyggnadenbyggnaderbyggnaderna
Genitiefbyggnadsbyggnadensbyggnadersbyggnadernas

Vertalingen

Afrikaansbou; konstruksie; gebou
Deensanlæg; konstruktion
DuitsBau; Erbauung; Aufbau; Bauwerk; Gebäude
Engelsbuilding
Esperantokonstruo
Fransbâtiment; construction
Italiaanscostruzione
LuxemburgsBau
Nederlandsbouw; constructie; gebouw; aanleg; opbouw
Papiamentskonstrukshon
Spaansconstrucción
Westerlauwers Friesbou