Informatie over het woord doen (Nederlands → Esperanto: purigi)

Uitspraak/dun/
Afbrekingdoen
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) doe(ik) deed
(jij) doet(jij) deed
(hij) doet(hij) deed
(wij) doen(wij) deden
(gij) doet(gij) deedt
(zij) doen(zij) deden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) doe(dat ik) dede
(dat jij) doe(dat jij) dede
(dat hij) doe(dat hij) dede
(dat wij) doen(dat wij) deden
(dat gij) doet(dat gij) dedet
(dat zij) doen(dat zij) deden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
doedoet
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
doend, doende(hebben) gedaan

Vertalingen

Afrikaansskoonmaak
Deensgøre rent; rense
Duitsreinigen; sauber machen; säubern
Engelsclean; cleanse; launder; make clean; purge; purify
Engels (Oudengels)clænsian
Esperantopurigi
Faeröersgera reint; reinsa
Fransaffinier; purifier
Hawaiaanshoʻomaʻemaʻe
Hongaarstisztít
IJslandshreinsa
Italiaanspulire
Latijnpurgare
Maleismembersihkan
Papiamentslimpia; purifiká
Poolsczyścić
Portugeesassear; limpar; purificar
Roemeenscurăța; face curat; purifica
Spaansadelgazar; limpiar; purificar
Sranankrin
Thaisทำความสะอาด
Turksayıklamak
Westerlauwers Friessuverje; feie
Zweedsluttra; rena; rengöra; rensa; sovra