Informatie over het woord aanzoeken (Nederlands → Esperanto: peti)

Uitspraak/ˈanzukə(n)/
Afbrekingaan·zoe·ken
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) zoek aan(ik) zocht aan
(jij) zoekt aan(jij) zocht aan
(hij) zoekt aan(hij) zocht aan
(wij) zoeken aan(wij) zochten aan
(gij) zoekt aan(gij) zocht aan
(zij) zoeken aan(zij) zochten aan
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) aanzoeke(dat ik) aanzochte
(dat jij) aanzoeke(dat jij) aanzochte
(dat hij) aanzoeke(dat hij) aanzochte
(dat wij) aanzoeken(dat wij) aanzochten
(dat gij) aanzoeket(dat gij) aanzochtet
(dat zij) aanzoeken(dat zij) aanzochten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
zoek aanzoekt aan
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
aanzoekend, aanzoekende(hebben) aangezocht

Voorbeelden van gebruik

De Britse regering heeft mij voor dit werk aangezocht.

Vertalingen

Afrikaansvra; aanvra
Catalaansdemanar
Deensbede
Duitsbitten; ersuchen
Engelsrequest
Engels (Oudengels)biddan
Esperantopeti
Faeröersbiðja; biðja um
Finspyytää
Fransdemander; prier
Grieksαιτώ
IJslandsbiðja; biðja um
Italiaanschiedere
Papiamentssuplicá
Poolsprosić
Portugeespedir
Saterfriesanhoolde; bidje
Spaanspedir; rogar
Srananbegi
Swahili‐omba
Thaisขอ; ชวน
Westerlauwers Friesfersykje; freegje
Zweedsbedja; anmoda; ansöka